04
jul

Rock Werchter 2011: Zaterdag Main Stage dag

Ondanks alle goede voornemens was het zaterdag toch al rond 15u voor ik op de wei belandde waar op dat moment The Gaslight Anthem op de Main Stage stond. Binnen mijn vriendenkring zijn er heel wat fans van deze band, maar ik zal mezelf een slechte vriend moeten noemen want ik behoor vooralsnog niet tot die categorie. Om de ongetwijfeld talrijke fans niet voor het hoofd te stoten met een amateuristische bespreking ga ik mij dan ook niet wagen aan een uitgebreide review en zal ik gauw meegeven dat wat ik hoorde zeker niet slecht klonk onder de voorzichtige namiddagzon. Verder beloof ik hierbij plechtig om van zodra ik terug thuis kom mij uitgebreid te verdiepen in hun discografie. Afgesproken? Afgesproken.


Amper een halfuurtje later was het de beurt aan full time meisjesidool Bruno Mars om te tonen wat hij in zijn mars had (pun jammer genoeg intended, waarvoor mijn oprechte excuses). Om zijn cool te bewaren betrad onze favoriete Hawaïaan van de dag (doordenker) lichtjes nonchalant het podium in een outfit die in de lifestyle bijlages van de betere kranten waarschijnlijk hoog zou scoren: Ray Ban, leren jasje, modieus hoedje... alles mooi volgens het boekje. Nu ben ik geen al te groot liefhebber van mans zeemzoete liedjes die de laatste maanden op de radio passeerden, maar tijdens het optreden heb ik amper naar het uur gekeken op mijn gsm, meestal een goed teken. Heel goed mogelijk dat dit komt omdat dit het eerste optreden was dat ik aandachtig volgde, toen nog zonder zere voeten, maar veel zal ook wel te maken hebben met het feit dat onze vriend Bruno een rasentertainer is én dat hij begeleid werd door een zeer strakke band. Zomerhitje 'The Lazy Song' werd voor de gelegenheid in een uptempo/ska jasje gestoken, er werd aan synchroondansen gedaan met al de muzikanten mooi op een rijtje en de cover van Michael Jackson's Dirty Diana werd niet zomaar afgehaspeld en vol overtuiging gebracht. Tijdens afsluiter 'Just The Way You Are' kregen de koppeltjes op de wei dan ook nog eens de kans om hun geliefde te vertellen hoe amazing hij of zij wel niet is en er werd gemuild dat het een lieve lust was. Dat Peter Gene Hernandez -even tonen dat we onze research gedaan hebben- de helft van de tijd aan het zingen was met een gezicht dat leek aan te geven dat hij wel heel erg dringend naar de wc moest zullen we dan maar verklaren door te denken dat hij het écht meende.


I Blame Coco hoorde ik van buiten de Marquee 'The Chain' spelen, waarmee Coco Summer (de dochter van Sting, jawel) zondigde tegen Het 35e Gebod Voor Rockmuzikanten, zijnde "Gij zult geen Fleetwood Mac cover spelen/opnemen". De laatste cover die ik mij voor de geest kan halen was 'Go Your Own Way' van de nationale trots Silverene, en we weten allemaal hoe het daar mee is afgelopen. Of eigenlijk net niet. Laat het dus een les zijn. Eerlijkheidshalve moet ik toegeven dat ik maar een kwartiertje heb meegepikt dus misschien wat het een geniaal optreden en was ik gewoon niet goed genoeg aan het opletten, ik sluit niets uit.


Daarna stond Elbow op het programma op de Main Stage, een band die sinds hun meesterwerkje ‘The Seldom Seen Kid’ volledig in de armen lijken te zijn gesloten van het Belgische publiek. Dat die appreciatie volledig terecht is valt niet te ontkennen, al lijkt de laatste plaat op de keper beschouwd niet van het niveau als de vorige worpen. Opener 'The Birds' kabbelde dan ook net iets te rustig voort en het was allemaal best mooi maar soms ook een tikkeltje saai. Pas toen halverwege ‘Grounds For Divorce’ werd ingezet werd het publiek eens wakker geschud en dat was nodig want daarvoor leek iedereen op de weide een beetje in te dommelen. Garvey kweet zich nochtans uitstekend van zijn taak als frontman. Hij vroeg meer dan eens of iedereen “still okay” was, leerde de weide de omgekeerde mexican wave aan en toen de opblaaspop in het publiek net iets te veel de aandacht trok kon hij de rest van het publiek overtuigen om luidkeels “move the fucking sex doll” te scanderen. Met afsluiters ‘Open Arms’ (wél een prijsbeest van die laatste plaat en tevens een perfect festivalnummer) en publiekslieveling ‘One Day Like This’ wist de band echter het publiek volledig voor zich te winnen en leek het iets te makke begin van de set volledig vergeven en vergeten.


Zoals Guy Garvey aangaf stond er de weide nog heel wat moois te wachten in de loop van de avond en de eerste die hier een vervolg aan breide was PJ Harvey, die samen met Portishead voor het back to the nineties-aspect van de avond zorgde. Wie echter vooral op ouder werk zat te wachten kwam gedeeltelijk bedrogen uit want Polly Jean putte voornamelijk uit haar laatste zeer straffe plaat ('Let England Shake') afgewisseld met wat oudere nummers. Soberheid primeerde in zowel de uitvoering als de présence van de band zelf. Geen schreeuwerige achtergrond of oogverblindende lichtshow, gewoon PJ en haar band. Of ze door deze aanpak vele nieuwe zieltjes op de weide heeft gewonnen valt ten zeerste te betwijfelen, maar het valt toe te juichen dat ze net als alle andere Grote Artiesten relevant blijft door haar eigen koers te varen wars van alle trends en ook live geen compromissen zoekt. Wie wél fan is kon overigens niet anders dan onder de indruk zijn van de akelige perfectie waarmee bijvoorbeeld nieuwe nummers als 'Let England Shake' en 'The Words That Maketh Murder' werden gebracht en het feit dat deze 41-jarige dame (hoe onbeleefd van ons) nog altijd een stem heeft die door merg en been dringt.


Dat de combinatie Portishead - Main Stage niet de meest gelukkige was van deze Werchter editie werd al redelijk snel duidelijk. Natuurlijk verdient een band met dergelijke status een hoge plek op de affiche, maar toch was dit zo een van de vele optredens waarvan je achteraf beseft dat het in de Marquee net iets magischer was geweest. De visuals op de schermen naast het hoofdpodium en achter de band pasten nochtans perfect bij de onderkoelde beats en Beth Gibbons raspende stem en nummers als 'The Rip', 'Machine Gun' en klassieker 'Sour Times' klonken niet minder dan indrukwekkend. Maar het mocht allemaal niet baten. Tot redelijk dicht bij het podium waren er meerdere mensen luidop aan het praten doorheen het hele optreden. Zo was er een persoon van een niet nader genoemde provincie die vond dat het "lik n begroafenisse" was. Toegegeven, het soort nummers dat Portishead brengt zijn geen hapklare brokken en met een publiek dat al volop aan het uitkijken was naar dé headliner van het festival was dit een perfect voorbeeld van wrong time, wrong place en ook wel een beetje wrong crowd.


Om half twaalf was het dan eindelijk de beurt aan de band waarop de weide al de hele avond zat te wachten. Om het publiek in de sfeer te laten komen knalden onder andere Bruce Springsteen en Jay-Z's 99 Problems uit de boxen. Niet bepaald representatief voor het muzikale vaatje waaruit Coldplay doorgaans tapt maar Chris Martin is natuurlijk een man van vele werelden, getuige zijn samenwerkingen met diezelfde Jay-Z en ook Kanye West. Kon dit eigenlijk ooit een slecht optreden worden? Het valt te betwijfelen. Door de jaren heen heeft Coldplay een patent genomen op het soort tearjerkers dat zelfs mensen die Engels al eens durven verwarren met Duits of Russisch kan raken en doet meezingen. Is daar iets mis mee? Hoegenaamd niet. Oudjes als 'Yellow', 'The Scientist' en 'Fix You' zijn zonder meer schone nummers en 'Politik' is live een mokerslag die doet vermoeden dat Chris Martin niet het mietje is waar hij altijd voor versleten wordt. Daarnaast verzorgde de band ook het niet-muzikale aspect van het optreden door vuurwerk, ballonnen en ander fraais de lucht in te sturen. Of er tussen de nummers van het nieuwe album een crowdpleaser van het kaliber 'Viva La Vida' tussenzit valt nog af te wachten, maar dat zal de toekomst moeten uitwijzen. Zaterdagnacht op de wei van Werchter werd alvast duidelijk dat het publiek het nog steeds goed ziet zitten met Coldplay.


06:51 Gepost door Bart Bovri | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |