04
jul

Rock Werchter 2011: Zondag Marquee Dag

Zondag is de dag des Heren maar desondanks sukkel ik opnieuw de wei op rond een zeer onchristelijk uur ergens in de namiddag, deze keer met het excuus dat het wel heel warm is. Om toch wat variatie in mijn Werchterprogramma te brengen besluit ik de matten van de Main Stage in te ruilen voor de plankenvloer van de Marquee. Vooral dan omdat er heel wat moois op de affiche staat natuurlijk.


Beginnen doen we met Tame Impala, onder meer bekend van het bescheiden radiohitje ‘Solitude Is Bliss’. Ook al komen de 4 leden tesamen nog niet aan de leeftijd van wijlen La Esterella, toch neigt hun œuvre eerder naar sixties en seventies met als grootste invloed Cream. Rond de Marquee waren er toen deze Australiërs van jetje gaven heel wat festivalgangers die hun hoofd net iets uitbundiger rondzwierden dan gewoonlijk. Volstrekt niets mis mee overigens.


Vorig jaar zag ik Two Door Cinema Club voor het eerst toen ze in het voorprogramma van Phoenix in de AB speelden. Sindsdien maakten ze indruk op Pukkelpop en ook op Werchter vond de gejaagde gitaarpop gretig afnemers. Het publiek huppelde voorbeeldig mee tijdens topnummers als ‘Something Good Can Work’ en ‘Undercover Martyn’ en deed ook niet moeilijk als er al eens een nieuw nummer werd gespeeld. Two Door Cinema Club zorgde ook voor een persoonlijke aha-erlebnis toen ze ‘Do You Want It All’ begonnen te spelen en zo in een klap het mysterie van welk nummer nu gebruikt wordt in die reclame van de Nationale Loterij oplosten. Waarvoor dank. Dat niet al de nummers even grote prijsbeesten zijn als de hierboven vermelde is niet meer dan normaal, het weze hen vergeven.


Hierna kon ik nog een klein stukje Kaiser Chiefs meepikken maar het was vooral Grinderman dat mij tot een terugkeer naar de Main Stage verleidde. Conclusie na het optreden : Nick Cave is een beest. Niet zomaar een beest of eender welk wild beest. Neen, Nick Cave is een rusteloze wolf die springt, bijt en huilt en die in een minuut zijn wolfsvacht voor een schapenvel kan omruilen. Zo haalt hij een vrouwelijke fan op het podium die graag een handtekening wou en dat had duidelijk gemaakt op een van de vele bordjes die  De Morgen had uitgedeeld. Nog geen 2 minuten later raasde Cave weer als een bezetene verder met materiaal uit de 2 Grinderman albums. Voortgestuwd door die bezwerende baslijn vormde ‘No Pussy Blues’ ongetwijfeld een van de hoogtepunten uit de set maar eigenlijk was de set een lange aaneenschakeling van mokerslagen.


Fleet Foxes profiteerde volop van de Marquee-wetten : applaus klinkt er altijd luider dan elders op de weide en om de een of andere reden werkt applaus er ook aanstekelijker. Applaus dat ook simpelweg volledig verdiend was. In tegenstelling tot Portishead een dag eerder was Fleet Foxes een uitgelezen voorbeeld van right time, right place, right crowd. Nummers als ‘Mykonos’, ‘Blue Ridge Mountains’ en ‘White Winter Hymnal’ klinken nu al tijdloos en ook afsluiter Helplessness Blues vanop het gelijknamige nieuwe album ontpopte zich tot een instant klassieker. Het valt alleen maar te hopen dat wanneer Fleet Foxes de Marquee helemaal ontgroeid is iedereen nog even enthousiast blijft klappen voor al dat moois.


Terwijl Iron Maiden voor een redelijk ontvolkte wei hun uiterste best deed om het publiek te doen geloven dat ze na al die jaren nog iets nieuws te vertellen hebben trok het (jonge) volk massaal naar Robyn in de Marquee. De Marquee was duidelijk te kleine voor deze Zweedse Princess of Pop en op de koop toe loste dit optreden alle verwachtingen in. Niet alleen klonken de breekbare popdeuntjes nog oprechter dan op plaat, Robyn wist de Marquee ook op te zwepen met dansmoves die recht uit een aerobic video leken geplukt te zijn. Nadat hits als ‘Dancing On My Own’ en ‘Indestructible’ al de revue waren gepasseerd was ‘With Every Heartbeat’ de te verwachten en tevens ideale afsluiter van een optreden dat tot ver buiten de Marquee indruk maakte. Robyn slaagt er als een van de enigen in om als vrouwelijke popster commercieel succes te combineren met geloofwaardigheid en breekbaarheid. Voorwaar iets dat moet gekoesterd worden. En zo zat mijn Rock Werchter 2011 er alweer op. Op voorhand stond ik misschien wat sceptisch tegenover de affiche maar van de groepen die ik ben gaan bekijken stelde er geen enkele teleur. Volgend jaar andere namen en dezelfde kwaliteit en we hebben een deal, Herman.

06:55 Gepost door Bart Bovri | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.